Workshop voor beginners

Stap 3: eerste oefeningen voor het leren van de idle

Video

 

Oefening 1: Op de grond, zonder handstokjes

 

  • Ga geknield op de grond zitten en zet de devilstick rechtop voor je (of zet de devilstick op een tafel, dan kun je rechtop blijven staan).

  • Hou de devilstick vast met je linkerhand (ongeveer op 3/4 hoogte) en kantel de stick naar links. Open je hand zodat de devilstick alleen maar op je handpalm rust.

  • Duw de devilstick weer naar rechts en vang hem op (ook weer op 3/4 hoogte) met je rechterhand (handpalm geopend). Beweeg hierbij eerst een stukje mee met de devilstick om hem af te remmen en duw hem dan terug de andere kant op. De stick mag niet naar voren of naar achteren kantelen.

  • Laat de stok zo een tijdje in een constant ritme op en neer gaan. De handpalmen blijven steeds geopend. De beweging die de devilstick maakt heet de idle of de tic-toc en is de basisbeweging van het devilsticken.

  • Probeer deze oefening ook met gestrekte handen. Als je dit een tijdje gedaan hebt en het lukt goed probeer hem dan ook staand.

  • Wil je oefenen met handsticks ga dan door naar oefening 2.

 

 

Oefening 2: Op de grond, met 1 handstokje

 

We gaan de beweging nu wat moeilijker maken door in 1 hand een handstokje te gaan gebruiken. Kies zelf maar voor welke hand, ik beschrijf het hier voor links.

  • Neem een handstokje in je linkerhand, zoals beschreven in stap 1. Houdt hem recht en horizontaal. Dit handstokje neemt nu de functie over van je linkerhand over.

  • Duw de devilstick, zoals in de oefening hierboven, met je rechterhand richting de linker handstok.

  • Als de stick in aanraking komt met je handstok beweeg dan eerst weer mee met de devilstick om hem af te remmen, duw hem dan weer terug naar je rechterhand.

  • BELANGRIJK: Maak de afrembeweging NIET vanuit je pols of je elleboog, want daardoor gaat je handstokje scheef en kan de stick gaan wegrollen of kantelen. De beweging maak je vanuit je schouder, hand en onderarm blijven naar voren wijzen.

  • Oefen weer to je zo een rythmische op en neer beweging kan maken.

  • Doe dit ook met de handstok in je andere hand. Als dit goed lukt, ga dan naar oefening 3.

 

 

Oefening 3: Op de grond, met 2 handstokjes

 

  • Dit is dezelfde beweging als bij de vorige oefening, maar nu met een handstok in beide handen. In feite ben je nu dus aan het devilsticken, maar dan met de stick op de grond.

Deze oefeningen lijken misschien wat simpel en zullen weinig indruk maken op toeschouwende medemensen, maar dat hoeft ook nog niet. Doordat de stick op de grond staat hoef je je nog niet zo druk te maken om zwaartekracht en dat soort dingen en kun je je volledig concentreren op de correcte houding van je handstokjes.

 

 

< Verder naar stap 4 >

< Workshop beginners >

< menu >

 

 

>---< (c) 2005, Rob Boaron - www.circusplanet.net >---<